Schenking aan vriendin vader niet vrijgesteld
Een man overlijdt in 2019. Op dat moment had hij anderhalf jaar een relatie met zijn vriendin, maar zij woonden niet samen. De man had de wens om de vriendin en haar kinderen financieel te verzorgen. Hij heeft dit echter niet in zijn testament vastgelegd. Zijn twee zonen zijn de enige erfgenamen. De zonen en de vriendin sluiten een vaststellingsovereenkomst. Hierin staat dat de zonen, ondanks het ontbreken van een juridische verplichting, een dringende morele verplichting ervaren om de wensen van hun vader te volgen. Zij schenken de vriendin € 500.000. De vriendin doet twee aangiften schenkbelasting van elk € 250.000 en beroept zich op de vrijstelling voor een natuurlijke verbintenis. De inspecteur past de vrijstelling niet toe en legt aanslagen op.
Natuurlijke verbintenis
Een schenking die voldoet aan een natuurlijke verbintenis is vrijgesteld van schenkbelasting. Een natuurlijke verbintenis is een dringende morele verplichting die, hoewel niet afdwingbaar, naar maatschappelijke opvattingen als een verschuldigde prestatie wordt gezien. De beoordeling hiervan gebeurt objectief, rekening houdend met de wederzijdse welstand en behoefte van partijen. De bewijslast ligt bij de vriendin om het bestaan van zo'n verbintenis aannemelijk te maken.
Geen verplichting van de vader
De vriendin stelt primair dat de overleden vader een dringende morele verplichting had om in haar levensonderhoud te voorzien. Het hof vindt het echter niet aannemelijk dat de schenkingen zijn gedaan ter nakoming van een dergelijke verplichting van de vader. De vader heeft zelf geen invulling gegeven aan zijn wens, noch zijn erfgenamen daartoe aangezet. Een handgeschreven, niet-ondertekend briefje van de vader wordt niet als uiterste wil beschouwd en heeft geen betekenis voor de nalatenschap. Het ontstaan van een dringende morele verplichting van de vader is niet aannemelijk gemaakt.
Geen verplichting van de zonen
Subsidiair stelt de vriendin dat er een zelfstandige dringende morele verplichting op de zonen rust. Het hof vindt het niet aannemelijk dat de zonen zich gedrongen voelden een natuurlijke verbintenis na te komen. De beoordeling moet objectief zijn en niet alleen gebaseerd op het subjectieve inzicht van de zonen. De zonen moeten de dringende morele verplichting 'zelf' jegens de vriendin ervaren, niet enkel uit piëteit voor hun vader. Dit is niet aannemelijk gemaakt. De vriendin heeft zelf verklaard dat zij gezien haar leeftijd niet als stiefmoeder kon worden gezien, en er blijkt niet van een bijzondere relatie tussen de vriendin en de zonen.
Niet vrijgesteld
Het hof oordeelt dat het hoger beroep ongegrond is. De schenkingen van elk € 250.000 zijn niet vrijgesteld van schenkbelasting. De aanslagen schenkbelasting blijven gehandhaafd.
Search
Categories
- Advocatuur
- Algemeen
- Arbeidsrecht
- Autobelastingen
- Automatisering – robotisering
- Belastingplan
- Creatieve sector
- DGA
- Dividendbelasting
- Festivals en evenementen
- Fiscaal
- Formeel recht
- Handel
- ICT Bedrijven
- Inkomstenbelasting
- Invordering
- Laatste nieuws
- Lonen
- Loonbelasting
- Medici
- MKB
- Modellen en influencers
- Non Profit
- Omzetbelasting
- Ondernemingsrecht
- Ondernemingswinst
- Overdrachtsbelasting
- Salarisadministratie en HR Advies
- Sociale verzekeringen
- Stichting
- Successiewet
- Toeslagen
- Vastgoed
- Vennootschapsbelasting
- Vereniging






